Luc Nowé: “Ik ben de gelukkigste mens op aarde”
We spreken af bij hem thuis. Kapelle-op-den-bos, een Vlaams dorp dat in veel opzichten lijkt op andere Vlaamse dorpen, weggestopt tussen een paar autosnelwegen. Het grote verschil is dat het hier is dat de ideeën ontstaan, de plek waar The Great Nowé (ik zal hem in de loop van dit gesprek met nog een aantal andere epithetons bedelen) inzichten krijgt, rust vindt en thuiskomt, in de schoot van zijn gezin. Grootvader ook, sinds kort. Al zou je hem dat niet meteen aangeven. Hij is en blijft jong van geest, fris en fruitig van binnen en van buiten. En altijd bezig met dé zaak: muzikanten een riem onder het hart steken, en bij uitbreiding de hele sector. Het t-shirt dat hij vandaag draagt, zegt alles: ‘Support your local scene.’
“Dat t-shirt? Het is een beetje de rode draad in mijn leven. Alles wat ik doe, is ontstaan vanuit een groot verlangen om muzikanten te helpen. Toen ik zelf nog muziek speelde, had je in Vlaanderen geen enkele organisatie waar je heen kon met je vragen of besognes. Geen podia, geen advies, geen structuur. Niets. Ik was toen zelf professioneel muzikant. Maar we speelden nauwelijks in België, wel in Nederland. Het coverband-livecircuit. Het is daar dat ik mensen als Buscemi, Mario Goossens (drummer Triggerfinger, red.), Mauro … en talloze anderen heb leren kennen. Toen we er na tien jaar mee ophielden, en weer in Vlaanderen belandden, merkte ik dat hier nog steeds niets was. En toen dacht ik: ik doe het zelf wel. Dat was midden, eind jaren 1990.
Alles wat ik doe, is ontstaan vanuit een groot verlangen om muzikanten te helpen.
Luc Nowé
Vlaanderen was toen echt een braakliggend terrein. Geen mogelijkheden om te spelen, geen adviesstructuren, niemand die wist wat je moest doen als er opeens een platenmaatschappij aanbelde.”
Dat klopt. Ik speelde toen zelf bij The Nothing Bastards. Toen we na HUMO’s Rock Rally benaderd werden door een platenmaatschappij wisten we niet bij wie we terecht konden voor advies. Meteen naar een advocaat dan maar…
“Zo ging dat inderdaad. Er was een enorme lacune. En het is dat gat dat ik wilde vullen.”
Waar je wonderwel in geslaagd bent, toch.
(lacht) “Ja, dat is zo. Maar er is nog zoveel werk! (lacht) Maar goed, we kwamen op het juiste moment. Er kwam een nieuw amateurkunstendecreet, lichte muziek werd een nieuwe discipline … de kaarten lagen goed om een organisatie te starten die de belangen van de pop- en rockmuzikanten ter harte zou nemen. We hebben daar ook toenmalig minister van Cultuur, Bert Anciaux voor te danken; het is onder zijn bevoegdheid dat het landschap helemaal hertekend werd: de fanfares werden gefusioneerd, en lichte muziek, Creatief Schrijven, Kunstwerk en Breedbeeld kwamen als nieuwe disciplines erbij. Anciaux erkende Poppunt als steunpunt en beloonde de organisatie met een eerste structurele subsidie.”
En de beginjaren? Het verhaal van dat eerste feest in de Stella…
(leunt achteruit, glimlacht breed) “Oh, dat vergeet ik nooit. We nodigden mensen uit via fax, want internet bestond nog niet. Of nauwelijks. We stuurden dag en nacht faxen, in totaal 800 uitnodigingen. En dan bleek de dag voor het feest dat de brandweer maximum 450 mensen toeliet, haha. Daar stonden we dan. Konden we weer honderden faxen sturen om mensen te zeggen dat ze niet mochten komen. Maar goed, op het event zelf was iedereen er: Jan Hautekiet, Luc de Vos, heel de muziekscene. Ik herinner me dat feest alsof het gisteren was.”
Mega dat magazine!
“En zoals bij elke organisatie hebben we meteen een magazine opgestart. From scratch en zeer DIY. We hadden dat nog nooit gedaan. Heel die beginperiode van Poppunt verliep met een grote zin voor guerrilla. We kraakten een pand in Sint-Niklaas – voor iets anders was er geen geld – en schreven er ons eerste beleidsplan. Ons eerste magazine was een bijzonder fijn moment, en essentieel. Want je brengt mensen samen, je geeft stem aan wat er leeft. En als je dat goed doet, komen de juiste mensen vanzelf samen. Ik geloof heel sterk in dat 1 plus 1 is 3. Dat gelijkgestemden elkaar vinden en samen iets groter maken dan ze apart ooit zouden kunnen.”
Ik geloof heel sterk in dat 1 plus 1 is 3. Dat gelijkgestemden elkaar vinden en samen iets groter maken dan ze apart ooit zouden kunnen.
Luc Nowé
Die pioniersjaren – the early coming of age – zijn belangrijk voor elke organisatie …
(krijgt de krop in de keel) “Amai… als ik er nu op terugkijk, dan kan ik enkel maar ontzettend dankbaar zijn dat zoveel mensen zich onbezoldigd en altruïstisch mee achter het project hebben geschaard. Saskia Vanderheyden was er al van in het begin bij; Koen Bauters, onze bestuurders Pieter, Geert, Didier, Danielle, Mike… jijzelf… Niemand heeft in die beginjaren ook maar een rooie duit verdiend aan Poppunt, en toch was er dat ongelooflijk mooie engagement. Knuffels en schouderklopjes, het geloof in de organisatie … dat was er en bleek de motor om verder te gaan. En dat is er nog steeds. Door de jaren heen is die ploeg gegroeid, altijd weer met machtig mooie mensen, stuk voor stuk met het hart op de juiste plaats. Stijn, Thijs, Jan, Lucas, Joachim, Chloe, Dirk… de honderden vrijwilligers… Het zijn de mensen die hier met hart en ziel werken en gewerkt hebben waar ik het meeste trots op ben, niet op de prijzen, de subsidies of de politiek … De mensen, daar gaat het om, en daar zal het altijd om blijven gaan.
Niemand heeft in die beginjaren ook maar een rooie duit verdiend aan Poppunt, en toch was er dat ongelooflijk mooie engagement. Knuffels en schouderklopjes, het geloof in de organisatie … dat was er en bleek de motor om verder te gaan.
Luc Nowé
Als ik eerlijk ben: het zegt alles dat mensen bij ons blijven. Dat kan maar als je als organisatie iets geeft wat ze nergens anders vinden. En dat is nooit over geld gegaan. Wel om de passie om iets te veranderen. Dat DNA zit in de organisatie. Dat zal niet verdwijnen als ik er niet meer ben.
Wouter, Stijn, Charlotte en Kaat namen nu het roer over als team. Hoe kijk je naar die keuze?
“Met heel veel vertrouwen. Dat zijn geen nieuwe gezichten, dat zijn mensen die de organisatie van binnenuit kennen. Ze gebruiken dezelfde dingen als ik. Ze hebben dezelfde leerschool gehad. Wouter is al betrokken bij de ondersteuning van het professionele muziekveld sinds 1994; eerst bij ZaMu, dan Muziekcentrum Vlaanderen, dan Kunstenpunt. Charlotte heeft vanuit haar rol als teamleider communicatie een heel goed overzicht over de brede werking en is al jaren het vertrouwde gezicht voor partners en pers. Stijn is 18 jaar in huis, hij heeft in de praktijk altijd al een coördinatorrol gehad. En Kaat zorgt dat de organisatie financieel gezond blijft. Zij zijn de nieuwe ruggengraat. Ja, en ik ben er ook nog, als klankbord. Al begin ik dat stilaan wat los te laten. Dat moet ook, en dat is ook goed. Al is dat niet altijd even makkelijk. Het is als een kind dat zijn weg zoekt in de wereld; dat laat je ook niet zomaar gaan.”
Wat was dat allemaal leuk!
“Ik wist dat de vraag zou komen, maar het is echt moeilijk kiezen welk project me het meest na aan het hart ligt. Er zijn er zoveel. Als ik er toch een moet uitpikken, dan wel Sound Track. Man, man … dat was een moeilijke bevalling, maar met een zeer grote voldoening eens het er stond.
Sound Track ontstond vanuit het idee dat de provinciale rockconcoursen niet meer van deze tijd waren. Te versnipperd. De Zes, Kampioenschap van Brussel, Limbomania, Oost.Best!, Rockvonk en Westtalent… elk met hun eigen vlag en hun eigen monumentenstatus. Het heeft toen heel wat voeten in de aarde gehad om de neuzen in dezelfde richting te krijgen, maar we zijn er wel in geslaagd. Ik herinner me dat Mike Naert – een zeer goeie vriend – een van de sceptici was. Een menselijke reflex ook, omdat Rockvonk echt zijn kind was. En dat loslaten, is niet altijd even vanzelfsprekend. Maar goed, we hebben dat wedstrijdgegeven – muziek als wedstrijd heb ik toch altijd maar iets vreemds gevonden - omgebogen naar een talentontwikkelingstraject. Het grote verschil tussen beide is dat een wedstrijd sorteert, en een traject begeleidt. Zelfs de mensen die niet winnen, komen bij ons binnen en krijgen advies over hun parcours. En het is daar dat Sound Track een verschil maakt. En dan mag ik zeker ook Lokale Helden niet vergeten …
… wat ontstond uit een persoonlijke ervaring, toch?
“Jazeker! Het idee is geboren op een sportkringfeest, toen mijn zoon Lars daar met zijn vriendjes op een podiumke stond. Twaalf lokale artiesten, een bescheiden optreden. Toen hij me erover vertelde, was mijn eerste reactie: er gaat geen volk zijn. Ik had het helemaal bij het verkeerde eind, want wat bleek: het stond er vol! In het groepje van Lars speelde er iemand die ook bij de fanfare zat, er zat iemand bij de scouts … en die brachten allemaal hun familie mee. Toen die gasten van het podium kwamen, zweefden ze. Die eerste schouderklop, dat eerste podium: ik zag het voor mijn ogen gebeuren en dacht: dit is wat er nog ontbreekt! Aandacht voor dat prille begin, voor dat eerste podium… Dat hadden we met VI.BE nog niet aangeboden. Wij waren altijd bezig met talentontwikkeling, met wedstrijden, met de weg omhoog. Maar de gast die net begint, die zijn allereerste speelkans nodig heeft… daar hadden we geen antwoord op. Dat sportkringfeest gaf mij dat antwoord... En zo is Lokale Helden ontstaan: van onderuit, van het kleinste podium in de kleinste gemeente. Maar het is nooit alleen over dat project gegaan. De visie was altijd: vanuit een project een beleid maken. Een verandering teweeg brengen. En dat is gelukt; op het lokale en regionale vlak is er sindsdien heel wat muziekbeleid in Vlaanderen ontstaan dat er zonder Lokale Helden niet geweest zou zijn. Dat het ondertussen uitgegroeid is tot een dag waarop jaarlijks meer dan 800 artiesten spelen in meer dan 120 gemeenten, dat had ik nooit durven dromen. En ik zie dat de ploeg die heel het land rondrijden voor dat project, de hele avond met een smile zit. Van het lachen en van gelukkig zijn. Als je dat herkent in je ploeg, dan weet je dat je goed bezig bent.”
De visie was altijd: vanuit een project een beleid maken. Een verandering teweeg brengen. En dat is gelukt; op het lokale en regionale vlak is er sindsdien heel wat popmuziekbeleid in Vlaanderen ontstaan dat er zonder Lokale Helden niet geweest zou zijn.
Luc Nowé
Ja, goed bezig is het understatement van de dag … We hebben het zelfs nog niet gehad over VI.BE platform.
“Ook dat is een bijzonder verhaal. We zijn begonnen als een soort van vernieuwde MySpace, toen dat op zijn laatste benen liep. Vandaag staan er 30.000 groepen op ingeschreven. En elk jaar komen er 3.000 nieuwe bij. En het slaat ook internationaal aan: Nederland is helemaal mee, en Denemarken kijkt ook al onze richting uit. Dat had ik nooit kunnen dromen. Het platform zorgt alleszins voor een enorme democratisering van speelkansen; ik denk dat toch een van de grootste verdiensten is van de hele VI.BE werking. Ja, ik ben daar echt heel trots op.”
Geen goed zonder slecht, of yin zonder yang. In al die tijd zijn er wellicht ook dieptepunten geweest of uitdagingen…
“Ja, natuurlijk. Al heb ik in al die jaren altijd de silver lining willen zien. Je kunt niet alles voorspellen, en soms lopen de zaken niet zoals je zou willen. Corona, bijvoorbeeld. Blij dat dat voorbij is. Maar ook daar heb ik gezien hoe krachtig en flexibel onze organisatie – en bij uitbreiding de hele Belgische muziekindustrie – was. We hebben toen heel snel het hele livecircuit bij elkaar gebracht, een fonds opgericht. En aangezien we altijd heel hard ingezet hebben op technologie, hadden we ook daar snel een antwoord. De omschakeling naar een online muziekbeleving was er snel. Maar het waren wel dagen van 15, 16 uur. Mike belde me elke avond vanuit de crisiscel tot bijna middernacht. Uren heb ik aan de telefoon gehangen. En dan lag ik nog uren te tobben. Zulke dingen vreten wel aan je.
En de opbouw van de geïntegreerde organisatie, dat was voor corona al een uitdaging op zich. Kansen grijpen met te weinig budget, mensen overtuigen die er nog niet in geloofden, keer op keer uitleggen waarom een steunpunt als VI.BE de cement is van het muzikale ecosysteem. Blijven op diezelfde nagel kloppen … dat is heel belangrijk, want als het cement wegvalt, valt al de rest als een dominosteen mee. Tot vandaag is het iets waar ik blijf op hameren, ook bij de nieuwe minister: knip niet in die budgetten, investeer erin, maak de juiste keuzes.”
Kansen grijpen met te weinig budget, mensen overtuigen die er nog niet in geloofden, keer op keer uitleggen waarom een steunpunt als VI.BE de cement is van het muzikale ecosysteem. Blijven op diezelfde nagel kloppen … dat is heel belangrijk, want als het cement wegvalt, valt al de rest als een dominosteen mee.
Luc Nowé
© koen bauters
Je noemt regelmatig mensen bij naam. Je dankbaarheid straalt uit al je poriën, de vraag is ook: kun je jezelf naar waarde schatten? Of ligt dat een beetje moeilijk?
“Daar raak je wel iets (stil). Ik ben nooit een tafelspringer geweest, en heb mezelf altijd het best gevoeld in de backstage. Shinen? Neen. Maar soms denk ik wel: had ik iets meer tafelspringer geweest, dan had ik het misschien sneller voor elkaar gekregen. Dat heeft me soms geremd. Ik heb de organisatie soms te bescheiden gepresenteerd naar de buitenwereld. Terwijl ik wel weet dat wat we doen uniek is.
Maar binnen het team en bestuur, daar heb ik altijd donders goed geweten wat ik aan het doen was. Ik heb vaak het been stijf gehouden, ben soms zeer koppig geweest, omdat ik per se mijn buikgevoel wilde volgen en mijn visie wilde uitdragen. Ik heb een paar keer – toen mijn woorden in dovemansoren vielen, maar ik toch doorduwde – gezegd: “Oké, ontsla me dan maar. Ik zie het, en niet anders.” Niet als dreigement, maar uit een koppige passie voor de zaak. Dat was niet altijd makkelijk, omdat de mensen met wie ik samenwerk door de jaren heen ook dierbare vrienden geworden zijn. Dan is het niet makkelijk om te zeggen dat je vertrekt, omdat ze niet willen volgen. Tot ik een jaar later gelijk bleek te hebben. Op die momenten was ik misschien wel de tafelspringer, maar dan enkel binnen de muren.”
Ik ben nooit een tafelspringer geweest, en heb mezelf altijd het best gevoeld in de backstage. Shinen? Neen. Maar soms denk ik wel: had ik iets meer tafelspringer geweest, dan had ik het misschien sneller voor elkaar gekregen. Dat heeft me soms geremd. Ik heb de organisatie soms te bescheiden gepresenteerd naar de buitenwereld. Terwijl ik wel weet dat wat we doen uniek is.
Luc Nowé
En buiten de muren blijf je de vader van VI.BE, wat voor velen altijd ‘Poppunt’ zal blijven. 27 jaar hard werken, en dan de fakkel doorgeven; het is niet niets.
“Zeker niet. Het is mijn laatste rit, ik weet het. Het eindpunt van de droom die ik in 1998 gehad heb: een organisatie oprichten die voor de brede muzieksector en haar artiesten echt een verschil kon maken. Ik ben daar zo trots op (stil). Nu is het aan de nieuwe generatie. Ik hoop dat het DNA bewaard blijft. Nergens spijt van gehad, ook niet de lange dagen. Ik heb nooit één dag van acht uur gewerkt. Geen enkele. En werken? Ik heb het nooit zo gezien. Als je speelt – en dat was het vooral - dan voel je geen uren.”
Allez, nog een keer dan: je laatste advies aan jonge artiesten…
“Haha, ok. Het staat niet in steen gebeiteld, maar als ik iets kan meegeven, laat het dan dit zijn: bepaal je eigen tempo. Niks moet. Het klinkt misschien wat raar, maar er zit niemand te wachten op nieuwe artiesten. Ze komen en gaan. Dat klinkt cru, maar het is ook bevrijdend. Omdat je dan als artiest helemaal vrij bent om je eigen pad te bepalen. Wil je dat doen? Doe het doordacht. Zorg dat niemand naast je kan kijken. De eerste indruk blijft altijd hangen. En ook, kom eens langs bij VI.BE. Wij zijn er niet om artiesten te beoordelen, maar om ze te helpen navigeren in wat soms een jungle kan zijn.”
Bepaal je eigen tempo. Niks moet. Het klinkt misschien wat raar, maar er zit niemand te wachten op nieuwe artiesten. Ze komen en gaan. Dat klinkt cru, maar het is ook bevrijdend. Omdat je dan als artiest helemaal vrij bent om je eigen pad te bepalen. Wil je dat doen? Doe het doordacht. Zorg dat niemand naast je kan kijken. De eerste indruk blijft altijd hangen. En ook, kom eens langs bij VI.BE.
Luc Nowé
Wat blijft er van je over, na al die jaren?
“(lange stilte) Ik heb een tijdje geleden van mijn team een boekje gekregen, met allemaal quotes van mensen uit de sector. Ik heb er drie weken voor nodig gehad om het te lezen. Niet omdat het lang was, maar omdat elke bladzijde binnenkwam. Op een bepaald moment dacht ik: dit alleen al. Dit alleen al is genoeg.
Weet je, ik ben vandaag de gelukkigste mens ter wereld. En ik meen dat echt. Ik heb muzikant mogen zijn. Ik heb als roadie in Vorst Nationaal gewerkt, gewerkt met de groten der aarde, meer dan duizend optredens gespeeld. Ik heb een organisatie mogen bouwen waarmee we mensen aan het werk hebben gezet, geïnspireerd, gelukkig gemaakt. Al die vrijwilligers, al die freelancers, al die medewerkers die met hetzelfde DNA door zijn gegaan. Daar ben ik echt trots op.
Mijn kleinkinderen zijn nog heel klein. Ze gaan opgroeien. Ze gaan een leven hebben vol muziek, vol kansen … dat hoop ik voor hen. Of ik daar nog lang getuige van zal zijn, weet ik niet. Maar dat ze er zijn, dat ze groeien: dat is het mooiste wat er is.
Iemand zei me ooit: je hebt geen steen verlegd, je hebt een rivier gegraven. Ik weet niet of het klopt. Maar het raakt me. Elke keer opnieuw. Meer had ik niet kunnen vragen.”
Meer weten over de historiek van Poppunt/VI.BE? Check zeker onze geschiedenispagina.
Reclame