VI.BE

Alexandre Traikos

* boEgie woEgie "Er Beweegt Iets In Menen" * DE SPLEET (Synths, Guitars, Tapes & Drummachines) *Alexandre Traikos - Dj

    • Chill Out
    • Heavy Metal
    • Tribal
    • Dance
    • Ambient
    • Trance
    • Rock & Roll
    • Turntablism
    • Alternative
    • Disco
    • Pop
    • Funk
    • Acid
    • Dub
    • Trip-Hop
    • Lo-fi
    • Techno
    • Hard Dance
    • Electronic
    • Experimental
    • Psychedelic
    • Club
    • New Wave
    • Noise
    • Hardcore
    • Doom Metal
    • DJ
    • Band
    • Producer
    • Solo
  • Menen

Bio

Alexandre Traikos (Menen - 03/03/'94)

Het muzikaal-artistieke traject van Alexandre Traikos begon al vroeg in de kinderwieg, daar hij de zoon is van pionierende deejay/producer Philippe Traikos die tussen '88 en '95 een prominente rol speelde in de opkomende Belgische techno scène met impactvolle producties die dé nieuwe sound werd op raves in internationale (mega)dancings en (after)clubs.

Als kind werd Alexandre vaak meegenomen naar de futuristische "Black Out Recording Studio" in Dottenijs, waar gouden Acidhouse en New Beat platen zoals o.a. Amnesia - Ibiza, Pleasure Game - Le Dormeur/ Le Seigneur Des Ténèbres, D.J.P.C. - Inssomniak, SA42 of Boris - Soirée Disco gecreëerd werden.

Daarnaast krijg hij ook meer volkse invloeden mee via het stamkroegje "à L'Avenir" die z'n grootmoeder aan moeders zijde uitbaat en waar hij dagelijks wel eens binnenglipte. Het caféetje bevind zich op de grens tussen België en Frankrijk én tussen Vlaanderen en Wallonië. In de "belle époque" was het een drukbezochte tent door grensarbeiders en dorstige passanten die de douane over moesten. De jukebox speelde er constant en werd wekelijks aangevuld met de top 10 singles. Van Rockabilly tot Madonna, van Chansons à Boire tot Funky Horns. Alexandre wist er op heel vroege leeftijd het munten systeem (toen nog Franse én Belgische Frank) te overbruggen en dus mechanisch speelcredits aan de jukebox toe te kennen.

Tussen zijn 6 -en 8-jarige leeftijd volgde Alexandre elke zaterdagmorgen Muziekaterlier in 't Kasteeltje te Rekkem. Gedoceerd door studenten uit het conservatorium die kinderen op speelse en ludieke wijze kennis leerden maken met muziek, instrumenten, metrum en ritme. Ze leerden er bijvoorbeeld in groep liedjes spelen op Orff-Instrumenten. Daarbij was Alexandre voornamelijk achteraan gepositioneerd voor de baspartijen. Hij kreeg er zijn eerste pianolessen van Leela Slambrouck.

Toen hem op 9-jarige leeftijd aangeraden werd om over te stappen richting de muziekacademie verloor hij snel z'n interesse in het volgen van muziekles. De strikte en conservatieve aanpak met overheersende nadruk op theorie, zingen van solfègelesjes en verplichtend karakter van repeteren in functie van prestatie i.p.v. spelplezier demotiveerden hem. Hij kreeg zelfs een afkeer voor die toen heersende academische mentaliteit (iets waar hij achteraf gezien erg blij om is) en verzette er zich tegen. Het uitte zich in nonchalance, kattenkwaad of niet-verontschuldigde afwezigheid. Hij zal de komende jaren vooral toeverlaat vinden in de sociale en avontuurlijke aspecten van de jeugdbeweging en zo goed als geen noot muziek meer spelen.

Tot op het moment dat Alexandre in 2007 tijdens het Grensrockfestival, toen in het brouwerspark van Menen, voor het eerst Triggerfinger live mag aanschouwen. De performance van het powertrio Block, Goossens & van Buyseghem laten een grote indruk na op de vroeg puberende tiener. What Grabs Ya? wordt na het optreden z'n eerst zelfgekochte LP. Alexandre krijgt een nieuwe zingeving: de elektrische gitaar. Of nog verder: Rock & Roll in z'n meest ruime vorm. Het wordt een jarenlange (zo niet levenslange) queeste naar invloeden en informatie tot alles wat ermee te maken heeft; van de duivel in de delta tot trippende surfers op Woodstock, van Graceland tot Frippertronics, van bloedende vingertoppen tot zweven tussen de sterren met Syd Barett, van The Factory tot dagenlange oorsuizen na grens aftoetsende feedback, van kabels in de knoop loswrikken tot het fenomeen van de staande ovatie.

Alexandre is gepassioneerd, zoekt steeds opnieuw nieuwe nummers, leert zichzelf wat gitaar spelen, ontdekt inspirerende plaatsen en zoekt gelijkgezinden op. Festivals als Dour worden jaarlijkse gewoonte en triggeren hem met hun breed spectrum aan alternatieve programmatie waardoor hij in de ban raakt van allerlei sub genres -en culturen. Reggae, dub, doom, punk, garage, hardcore... Hij wordt in het 4e middelbaar schoolmoe en zit steeds met z'n dromerige gedachten elders. Aan het crowdsurfen op een show, of kletsnat in een zetel backstage, op een tourbus richting het onbekende of aan het luisteren naar de geluiden van de zee, de bergen of het bos. Hij heeft het gevoel niet meer op dezelfde golflengte te zitten als de leeftijdsgenoten in z'n klas, voelt zich een buitenbeentje maar werft wel sympathie bij het lerarenkorps die hem en z'n ouders het muziekhumaniora in Gent aanwijzen. Hij slaagde voor de selectieproeven, maar ook daar kon hij z'n pap niet koelen. Hij stuit al snel op dezelfde problemen die hij eerder als kind in de muziekacademie ervaarde. Routine en tucht bleven een struikelblok. Wel kwam er het besef van de nodige discipline en doorzetting op de weg naar een professionele carrière binnen de muziek. Zelf was dat traject toen niets voor hem maar er bleef hem wel een liefde voor jazz, klassieke muziek, koor en dans bij, en hij ontwikkelde er respect voor de werkelijk virtuoze beoefenaars ervan.

Alexandre keert terug naar Menen en weet zich zonder al te veel moeite een weg door de laatste jaren van het Technisch Secundair Onderwijs te slaan. Tijdens het weekend zoekt hij prikkels en wordt hij reguliere bezoeker van discotheek Lagoa, een club met een heftige reputatie waar z'n vader in de vroege jaren 90 veelal headliner was op early Techno party's op de vooravonden van wettelijke feestdagen. Hij is onder de indruk van het kolossale geluid, de rauwe inrichting, de uitdagende looks en karakters van de veelal Noord-Franse bezoek(st)ers en de druggy attitude die er toen algeheel heerste. Party's duren van 23u tot makkelijk 11u, waarna er in kleinere groep nog verdergezet wordt. Hij krijgt er een glimp te zien van wat de gouden begindagen van de Belgische house- en technoscène moet geweest zijn. Het wordt een periode van (hard)techno, trance & acid. Een odysee in een dreamworld van disco naar disco, van club naar club. Alexandre is in die tijd zo goed als dagelijks te vinden op afterhours zoals in Decadance Gent, voor de verbouwing en verandering van geluidsysteem. Hij geniet er tot in de vroege uren van de soundtrack gemixt door z'n toen favoriete resident dj Pete Howl. Ook was hij steeds aanwezig op de feesten in Kompass, die toen net uit de grond rees op haar eerste locatie. Naarmate hij ouder werd, vloog hij er steeds verder op uit op zoek naar interessante gebeurtenissen. Het was niet ongewoon om voor een paar nachten feesten te trekken richting Amsterdam (De School, Ruigoord,...) Parijs (Rex, Concret,...) of Berlijn (...). Het is daar, in de Duitse hoofdstad dat een Warehouse rave in de Normannstrasse zorgt voor een absoluut kantelpunt. Het gigantisch communistisch industriële pakkenhuis is een waar eindeloos labyrint, volledig artistiek ingericht met ambachtelijke lichtinstallaties zoals vloeistofdia's, hallucinante muurschilderijen, gedrapeerde kleurrijke stoffen, fluorescerende miniatuur elfentuinen, diverse psychedelische installaties, een glinsterend hemelbeeld en de vurige hel. De dj's zijn ultra vakkundig maar staan weinig in de spotlights en draaien voornamelijk moeilijk traceerbare black labels of testpressings met een rauwe analoge sound die doet denken aan de avant-garde scène uit Detroit. De kunst staat absoluut voorop, nul commerciële zin. De parels blijven verborgen. True Free Spirit.

De realiteit is dat in de daaropvolgende tijd Alexandre een afkeer ontwikkelde voor de maatschappelijke standaard, de normaliteit of vooral plat commercieel gedoe. Iets wat hij wat later in z'n jong volwassenheid wel nog relativeert en deels op terugkomt of er soms zelfs de humor van inziet. Maar eerst moest hij dus even door die maanden van afgunst en rebellie, iets wat hij later als z'n Steppenwolfperiode ziet. De gedachten zijn van kosmische aard, maar de werkelijkheid zit soms vol met (o.a. door geschiedkundig (onzuivere) menselijke feiten) maatschappelijke struikelblokken. Het moet ergens in die tijd geweest zijn dat hij voor het eerst in contact kwam met NVE, in wie hij (gelukkig) vriend- en zielsverwantschap vind, en die een prominente rol zal spelen in Alexandre's verdere leven. Maar voor die gebeurtenissen moeten we eerst even terug in de tijd...

Het moet ergens rond 2013 zijn dat café Den Overkant, een alternatieve plek met erkenning als jeugdhuis er na meer dan 30 jaar mee ophield wegens onder meer bouwkundig verval. Alexandre was er voorheen als tiener, net als veel jongeren uit de streek, vaak te vinden op vrijdag na school. Uit de speakers kwam er vaak cultmuziek voort zoals van The Velvet Underground, Roxy Music, Godspeed You! Black Emperor, Massive Attack of Lee 'Scratch' Perry om er maar een paar op te noemen. Tijdens die sluitingsnacht staken Stijn de Smet, die 20 jaar aan een stuk de programmatie deed voor het Grensrockfestival en Catherine Christiaens, die toen voor het lokaal bestuur van Menen werkte en er voorheen het hoofd van de jeugddienst was, de koppen bij elkaar en kwamen ze met het eerste broedidee voor een nieuwe culturele wind in de stad. Ze betrokken Kevin Labbeeuw die toen aan het roer stond binnen de cel jeugd van stad Menen. Stijn, gepassioneerd kunstenliefhebber, kwam over de brug met een naam en zo geschiedde: boEgie woEgie. Naar het schilderij 'Victory Boogie Woogie' van Piet Mondriaan. Een nooit afgewerkt, revolutionair, neoplastisch werk die na de wereldoorlogen het kleurrijk symbool werd van vrijheid en overwinning van onderdrukking in het westen. Het schilderij stelt het bruisende stadsleven in NYC voor. Boogie woogie, de voorganger en oervorm van de rock&roll, is tevens een opgewekt muziekgenre waarbij op de piano met het linkerhand strakke, repetitieve baslijnen worden gespeeld en daar met het rechterhand allerlei luchtige melodische loopjes in verschillende maatsoorten overheen geplaatst worden.

boEgie woEgie werd een feitelijke vereniging die op laagdrempelige wijze, met geen tot weinig middelen, guerrillagewijs, diverse culturele activiteiten organiseerde op uiteenlopende plekken in de openbare ruimte. Het eerste wapenfeit was een concert van Tiny Legs Tim in het toen nog mooi stukje natuur op de historische Blekerijvesting. Alexandre begeleidde er die zonnige middag een groep jongeren van de jeugdbeweging mee naartoe. Het werd een zomers optreden met achteraf een dj set van Kid Glove Killers (Niels & Stijn) op singeltjes onder een partytentje. Er brak stevige regen uit en het tentje was maar net groot genoeg om de muziekinstallatie te dekken maar het feest ging lekker verder.

Kort daarna zocht Alexandre 's avonds op café een lift richting het jaarlijkse Dour-festival. Kwam uit dat Stijn en Niels ook vaste bezoeker waren en er de volgende ochtend heen zouden rijden. Op die manier werden ze aan elkaar geïntroduceerd, en kwamen ze snel tot de constatatie van hun compatibiliteit qua muzikale voorkeuren en artistieke interesses binnen het festivalgebeuren. Alexandre werd gevraagd of hij boEgie woEgie wilde vervoegen en werd uitgenodigd op een eerste kernvergadering in de gebouwen van De toenmalige Figuranten, Expo 5/7.

De Figuranten waren een sociaal-artistiek project onder de vleugels van het Centrum voor Algemeen Welzijn. Pieter V, Wouter D. en NVE waren toen hét gezicht van DF. Ze werkten dagdagelijks aan artistieke projecten zoals theater of exposities, veelal in samenwerking met mensen uit de psychiatrie. Ze hadden budget, maar toch een heel volks karakter, hielden wekelijks een laagdrempelige volkskeuken, en hun waanzinnige activiteiten ontaarden geregeld in een heftig feestje met toegang voor iedereen! Een nieuwe vereniging zoals boEgie woEgie werd door hen met open armen ontvangen en we konden steeds beroep doen voor materiaal, advies of simpelweg gezellig samenzijn. boEgie woEgie begon in die tijd de winters te overbruggen door binnen activiteiten te organiseren onder de noemer pop-up om leegstand tegen te gaan. Dit was telkens voor korte periodes van 3 maanden per locatie. Steeds een heel logistiek gedoe, waarbij DF maar al te graag bijsprongen om te helpen. Anderzijds nodigen DF boEgie woEgie ook uit om mee te werken aan grotere projecten zoals het Liberty-Festival in de leegstaande nepbondfabriek op site Tyber of The Night Of The Ugly Papas, waarbij een reünie op poten werd gezet van het Belgisch rockfenomeen Ugly Papas. Allemaal activiteiten die Alexandre er toe aangezet hebben om een diploma Electrotechniek te behalen. Kwestie van om vanuit het niets voorzieningen kortstondig op poten te zetten en draaiende te houden ter bevordering van artistieke evenementen.

Na een 3-tal seizoenen van verhuizen, her-installeren, weer afbreken van ingerichte panden was het wel even op voor boEgie woEgie en haar belangeloze burgerbeweging. Net op dat moment zijn er twee grote gebeurtenissen die veel invloed gaan hebben op dit verdere verhaal. één: er ontstaat onenigheid binnen DF waarbij de huidige groep ontbonden wordt en de hervormde organisatie zich uit Expo 5/7 terugtrekt om een eerder mainstream theatergezelschap te vormen. NVE richt na zijn vertrek bij DF een nieuwe vzw op, MICHEL! om zijn vanaf dan eerder lucratieve artistieke prestaties in te kadreren. Professioneel zal hij zich als docent plastische kunsten profileren. Gebeurtenis twee, er vind een grote onteigening plaats in de Barakken van Menen. Het grensgebied, waar naast tal van andere soms ietwat kitscherige handelszaken, het populaire Grieks restaurant van Alexandres grootouders zich bevind, moet plaats maken voor grote werken aan de Leie en ondergaat op korte tijd een transitie van drukbezochte commerciële/toeristische straat naar een oord van desolate leegstand. Als dat via Alexandre, zijn nieuwe jonge kennis, tot bij NVE komt, klinkt dat bij dezer met z'n ontembare drang naar rock & roll als muziek in de oren.

Het is namelijk zo dat NVE in z'n twintiger jaren naast het behalen van een master in de kunsten tijdens z'n beroepsmatige activiteit als internationaal vrachtwagenchauffeur, ook stichtend en aandrijvend kernlid was van "La Gare", een jeugd -muziek- en kunstenhuis geïnstalleerd in het oude stationsgebouw op de Vrijheidsboomplaats in Lauwe. De toonaangevende organisatie had in de jaren 90 een soms wat heftig imago. Daarbij was NVE toen ook, samen met zijn beste vriend Rudi, actief in de avantgarde noise-punk band "No Tomorrow Charlie". Menig gereputeerde muziekexperten verklaren dat NTC in die beginperiode ('86-'91) live zowat de hevigste hardcore van de Benelux moet gebracht hebben.

Snel blijkt dat Alexandre en NVE het dus goed met elkaar kunnen vinden. Ze hebben veel raakvlakken op zeer uiteenlopende gebieden. Zo zijn ze bijvoorbeeld op dezelfde dag geboren met exact 30 jaar verschil. (03 maart 64' & '94'). Ze bundelen hun krachten en plannen een artistieke kraak van het verlaten pand "El Greco". Ze worden ter regularisatie al snel ondersteund door het culturele centrum van Menen "De Steiger". Project DE PANDEN is een feit en 9 sleutels van 9 verschillende panden in de omgeving worden vrijgegeven. "El Greco" wordt tot " O.V.V. (Oord van Verbeelding) De Griek" gebaptiseerd en geldt als epicentrum van het project. Alles is er bewust DIY, met geen tot weinig middelen omdat het project een kortstondige periode overspant naar de afbraak van het ganse gebied rond de Leiebrug. De eerst installatie die NVE en Alexandre placeren wordt "Le musée d'art contemporain de la ville de Menin". Waarbij een bewust foutieve schrijfwijze gehanteerd wordt:

Musée d'art con

temporain de la vi

lle de Menin.

Of het museum der dwaze kunst des levens in Menen.

Alexandre laat zich adviseren door NVE en schilderd met de papborstel het ganse gebouw volledig zwart. (Iets wat hij later met talloze gebouwen of ruimtes nog zal doen omdat dat het meeste impact heeft op minimale verlichting) NVE heeft het privilege om grote klasgroepen plastische kunsten te doceren in zowel het secundair als academisch onderwijs. Daaruit vloeit dat hij vaak beschikt over grote oplages aan kunstwerken vervaardigd uit goedkope en gerecycleerde materialen zoals papier, karton of PMD. De werkjes vormen clusters van uiteenlopende maar veelal humoristische, absurde doch weldoordachte thema's. Geregeld zit er een educatieve nadruk in de werkjes verborgen (zoals perspectief, contrast,...), komt een bepaalde technische vaardigheid aan bod (lino-druk, collage,...) en vormt een surrealistische verhaallijn of een interessegebied van de jonge vervaardigers de rode draad binnen een onderwerp. Via deze werken komt de eerste expositie in O.V.V. De Griek tot stand met in het etalageraam een presentatie van kleurrijke en welbelegde pizza's (en hun bijhorende pizzadoos) vervaardigd uit papier maché. Binnen wordt het museum gevormd door: "Teenage Bedrooms" (tienerkamers in vogelperspectief, linodruk), in zaal twee: " De Exuberante Collectie Lijsten van de familie Frank." Een kamer gevuld met een groteske luster en lege lijsten uit "bladgoud" vervaardigd en belegd met "robijnen". Dit gerecupereerd werk was tevens het laatste die vertoond werd in EXPO 5/7 na de ontbinding binnen DF. Het staat symbool voor de kunstenroof van de Nazi's in het Louvre, waarbij enkel de lege kaders nog achterbleven... "Het labyrint van het monster" een muurwerk bestaande uit een kolossaal, geheel van tientallen miniatuur labyrinthen op kartonbord en waarbij als apotheose via een kijkgat in de kelder van het pand, de kooi met het gevangen monster audiovisueel vertoond werd (L'Origine Du Monde). Achteraan het hele gebeuren wordt via zwart geschilderde wandjes, rond de oude toog (met Akropolis by night-look) van het ex-restaurant, een klein verborgen, edoch best druk bezocht cafeetje gevormd waar zich in de toekomende maanden meermaals waanzinnige of fantasierijke taferelen zouden gaan voordoen. Op de pick-ups: van Bauhaus, Television, Joy Division en Throbbing Gristle tot Lou Depryck, Raffaella Carrà, Les Rita Mitsouko of Haddaway.

Nicolas en Alexandre breiden uit en palmen het aanliggend gebouw in. Ze dopen het "Neffest De Griek". Het ruw gekapt, driehoekig gat in de muur die als doorgang dient van het ene naar het andere gebouw werken ze af met zachte rode doek. Ze zien het als een kunstwerk en noemen het 'De Preut". Er wordt een groter podium gebouwd en de capaciteit van de zaal wordt opgekrikt.

De plek heeft een stimulerend effect en het duurt niet lang of Alexandre vormt een band die onderdak vind in de kelders van De Griek. De eerste bezetting komt tot stand met Alexander Casier als frontman, Niels Wyseur op electronica en Alexandre Traikos op gitaar. KKKK repeteert er urenlang, wekelijks, soms dagelijks. Of eerder nachtelijk. De ruimte voelt industrieel, donker, rokerig aan en dat weerklinkt in de luide sound van de groep. Ze boetseren stevige, psychedelische noiserock met hypnotiserende elektronische beats. Teksten zijn verhalend, poetisch, soms wat edgy maar toch toegankelijk. Joram Daels en Stefaan Poot vervoegen de band met saxofoon en basgitaar. Ze laten zich inspireren door een heel divers repertoire zoals werk van The Stooges, David Bowie, Horace Andy, Brian Eno, Led Zeppelin, The Postal Service, Chemical Brothers,... Ze krijgen het gebouw aan het trillen, riooldeksels op straat incluis. Het testosterongehalte en de ambitie van de band is hoog maar niet steeds gelijk verdeeld. Er volgen een handvol veelbelovende optredens maar na de ontbinding van De Griek dient de band te verhuizen van repetitieruimte. Dat moet een eerste doodsteek geweest zijn, daar het ruige karakter van de ruimte op dat moment moeilijk te evenaren was en dat weerspiegelde zich in het artistiek proces. Ook klassieke situaties zoals onervarenheid, persoonlijke perikelen, slapeloosheid, alcohol en druggebruik, relatiebreuken, ego, imago, gemakzucht, blame shifting, ongelijke visies/doelen of technisch niveauverschil resulteren in onfraaie publieke vertoning. De groep gaat voort zonder Alexandre. Het zal wat tijd nemen, maar even goeie vrienden.

Ook de bulldozers zijn in aantocht en in de maanden die volgen gaat het ganse block waartoe "De Griek" en "Neffest de Griek" toe behoren halsoverkop tegen de grond. Achteraf gezien een jammerlijke zaak, daar er 10-jaar later nog geen vorderingen zijn omtrent publieke werken in het ganse gebied.

Het worden turbulente tijden;

Contact

Je moet ingelogd zijn om Alexandre Traikos te kunnen contacteren. Inloggen.