VI.BE

Analyse budgetten werkingssubsidies Kunstendecreet 2023-2027

Analyse budgetten werkingssubsidies Kunstendecreet 2023-2027

Kunstenpunt en Overleg Kunstenorganisaties maakten een diepgravende analyse van de beschikbaar gestelde budgetten, incl. een vergelijking met de bedragen die tijdens deze beleidsperiode zijn verdeeld.

20.01.22

Nieuws

Het totale beschikbare bedrag voor Kunstenorganisaties (één en twee beleidsperiodes), Kunstinstellingen en Organisaties met specifieke opdrachten zal om en bij de 155 miljoen zijn. Ruim 61 miljoen daarvan is voor de Kunstinstellingen, bijna 90 miljoen is voor Kunstenorganisaties, inclusief de enveloppe voor de Landschapscommissie. Deze bedragen zijn in lijn met wat begroot is voor 2022, zodat we min of meer van een status quo kunnen spreken - althans op nominaal niveau, d.w.z. zonder indexering. 

De verdeling van het budget voor Kunstenorganisaties (één en twee periodes) staat in een document dat het Departement Cultuur onlangs publiceerde. Over de gevraagde bedragen beschikken we niet, dus een vergelijking met instromers en meervragen kunnen we niet maken.

Wat we wel kunnen vergelijken, is de procentuele verdeling van subsidies over disciplines heen tussen de huidige en de komende beleidsperiode. Daarbij hebben we rekening gehouden met fusies en DAC-middelen in functie van een zo goed mogelijke vergelijkbaarheid. Door met percentages te werken kunnen we abstractie maken van de 5% die gereserveerd wordt voor de Landschapscommissie (zie tabel: we kunnen niet voorspellen naar welke disciplines dit budget zal gaan). Hier concentreren we ons m.a.w. op proportionele verschillen tussen disciplines/commissies.
 

2017-2022

2023-2027

Verschuiving in procentpunten

ARCHITECTUUR EN VORMGEVING

1.3%

2.5%

1.2

AUDIOVISUELE KUNSTEN, GELUIDSKUNST EN EXPERIMENTELE MEDIAKUNST

1.5%

2.0%

0.6

BEELDENDE KUNSTEN EN FOTOGRAFIE

5.4%

6.5%

1.0

DANS

8.6%

9.8%

1.2

JAZZ, TRADITIONELE MUZIEK

2.7%

4.3%

1.6

KLASSIEKE MUZIEK 1

7.7%

7.0%

-0.6

KLASSIEKE MUZIEK 2

5.1%

5.1%

0.0

MULTIDISCIPLINAIRE KUNSTEN 1

16.3%

12.3%

-4.0

MULTIDISCIPLINAIRE KUNSTEN 2

10.5%

9.7%

-0.8

MUZIEKTHEATER

3.5%

4.0%

0.5

POP, ROCK/ALTERNATIVE, HIPHOP/R&B, DANCE

5.1%

5.0%

-0.1

THEATER 1

19.9%

16.6%

-3.3

THEATER 2

11.2%

10.3%

-1.0

TRANSDISCIPLINAIRE EN CROSS-SECTORALE KUNSTEN

3.1%

4.9%

1.9

TOTALEN

100% 

100%

Ca. € 90 miljoen
(= bedragen 2021 + schatting van DAC)

€ 85,470,788 (exclusief Landschapscommissie)

Landschapscommissie

€ 4,273,539

Tabel: verdeling van subsidies over disciplines tussen huidige en de komende beleidsperiode. Kunstenorganisaties voor één en twee periodes, exclusief Kunstinstellingen en Organisaties met specifieke opdrachten.

We zien dat het proportioneel beschikbare bedrag voor een aantal disciplines/commissies gestegen is. Het betreft o.a. disciplines die in de Strategische Visienota Kunsten (2020) bestempeld werden als “ondergesneeuwd”. De hoogste stijging echter zien we bij transdisciplinaire en cross-sectorale kunsten.

Bij een gelijk gebleven totaalbudget voor werkingsmiddelen gaat dit gepaard met dalingen in theater, klassieke muziek en multidisciplinaire kunsten. Een continuering van alle organisaties actief in deze disciplines lijkt op basis van deze cijfers onmogelijk. Theater kijkt aan tegen een daling van meer dan 4 miljoen, multidisciplinaire kunsten ook. Bij klassieke muziek is het verschil ongeveer 1 miljoen. Hierbij is geen rekening gehouden met mogelijke instroom of meervragen, die wellicht ook de verschillen tussen parallelcommissies mee kunnen verklaren. Van fluctuaties van 0,5% of minder maken we abstractie, rekening houdend met een kleine foutmarge. 

De nieuw opgerichte Landschapscommissie zal volgens onze berekeningen zo’n 4 miljoen euro beschikbaar hebben (5% van de werkingssubsidies, exclusief Kunstinstellingen en Organisaties met specifieke kerntaken, cfr BVR art. 8 en draaiboek p. 17). De Landschapscommissie heeft als taak om uit de dossiers die positief beoordeeld worden maar buiten budget vallen, een selectie te maken die alsnog gehonoreerd wordt. Dit, rekening houdend met overwegingen van landschapszorg en met elementen uit de visienota van de minister.

Afgaande op het minimumpercentage van 12,5% voor kortlopende subsidies bepaald in het BVR (art. 6: % van de som van kortlopende en werkingssubsidies, exclusief kunstinstellingen en organisaties met specifieke kerntaken), leiden we af dat daarvoor minimaal zo’n 12,8 miljoen euro beschikbaar zal zijn. 

In de komende weken hopen we meer informatie te delen over: de samenstelling van de commissies (en de diversiteit onder leden), instromers en hun spreiding over commissies en disciplines heen, en de impact op budgetten van commissies.

Repetitieruimtes launch

Reclame