VI.BE

Terugblik: 18 maanden sluiting voor de Belgische nachtclubs
© lucinde Wahlen

Terugblik: 18 maanden sluiting voor de Belgische nachtclubs

567 dagen, meer dan 18 maanden of 81 weken. Zolang bleven de Belgische nachtclubs op slot, waarmee het nachtleven met voorsprong de langst gesloten sector tijdens de Covid pandemie was. Dat doet wat met een mens. Wij legden ons oor te luister bij nachtbrakers pur sang Lorenzo Serra, Nick Ramoudt en Tijs Vandenbroucke.

Koen Galle

22.10.21

Features

Naast het wegwerken van een structureel slaaptekort, was het vooral een bittere pil om te slikken voor de anders zo energieke gemeenschap van clubeigenaars, organisatoren, barvrouwen en -mannen, dj’s, veiligheidsmensen, toiletpersoneel, boekers, managers en iedereen die op één of andere manier zijn brood verdient wanneer de rest van de wereld de ogen sluit. En uiteraard voor de clubbers, die al die tijd geen voet konden zetten in hun favoriete boite, op hun vertrouwde dansvloer, in hun safe space tussen vier muren weg van de dagelijkse snelheid en sleur. 

Evenmin aan onze aandacht ontsnapt is de geringe aandacht die het nachtleven de afgelopen anderhalf jaar kreeg. Op 6 september 2020 zagen we bordjes met daarop ‘let us open the clubs again’ omhoog gaan tijdens een betoging van de brede evenementen- en cultuursector aan de Brusselse Kunstberg en hier en daar gaf een krant of radiozender wat aandacht aan verhalen van gedupeerde nachtuilen.

Maar dat was slechts een peulschil in vergelijking met de goed georganiseerde horecasector of de luchtvaart, beiden weliswaar van een ander kaliber maar toch, ook in nachtclubs werken mensen. Hoe komt het dan dat nachtclubs tijdens de pandemie niet leken te bestaan? Waarom werd er door de politiek of de nationale media met zo goed als geen woord over hen gerept? En welke lessen kunnen we hieruit trekken?

We legden ons oor te luister bij drie nachtbrakers pur sang, gepokt en gemazeld in het wereldje.

Lorenzo Serra richtte tijdens de pandemie de Brussels By Night Federation op, waarmee hij Brusselse professionals actief in het nachtleven ondersteunt. Het initiatief stond al langer in de steigers maar kwam dankzij Covid in een stroomversnelling. Serra is ook mede-oprichter van het Listen! Festival, beheert de openluchtbar in het multidisciplinaire leegstandsproject See U in de oude politiekazerne van Elsene en verdiende vroeger z’n sporen als organisator van de clubnachten Dirty Dancing en Libertine Supersport.

Nick Ramoudt werkte 19 jaar lang in de gerenommeerde discotheek Fuse in de Brusselse Marollen, 9 jaar als boeker en 10 als manager, waarna hij recent de rangen van de Gentse Kompass Klub vervoegde. Hij bracht begin oktober ook 30.000 feestvierders bij elkaar in Paleis 12 onder de noemer Rave Rebels.

Tijs Vandenbroucke tot slot baat Radar uit, de evenementenlocatie en club in Lokeren die uit de ter ziele gegane Cherry Moon ontsproot, heeft een bedrijf dat horeca ondersteuning en personeel levert aan evenementen, organiseert Voltage Festival en Cirque Magique en is zaakvoerder van Nasty Mondays, een Gents evenementenbureau met onder meer de tot ver buiten Oost-Vlaanderen bekende feesten Kozzmozz, Poplife en Belmondo in de portefeuille, dat in 2019 nog garant stond voor 40 evenementen en 40.000 bezoekers per jaar, 12 personeelsleden en een omzet van 2 miljoen euro. Tot die noodlottige maand maart van het annus horribilis 2020. 

© lucinde Wahlen

© lucinde Wahlen

Los van mondmaskers en vaccins, hoe hebben jullie de afgelopen 18 maanden beleefd? 

Nick: Enerzijds hebben we met Kompass geprobeerd om binnen de geldende regels toch wat te organiseren, door een groot terras in bubbels neer te poten op de industriële site van de club. Dat was behoorlijk succesvol maar tegelijk ook maar een doekje voor het bloeden. De andere helft van de tijd waren we voortdurend bezig met het voor ons uit te schuiven van de datum van Rave Rebels, steeds de pionnen op het spelbord rond schuivend en peilend naar beschikbaarheden van de artiesten. We organiseerden zo voortdurend een virtueel festival dat klaar moest zijn wanneer de geldende maatregelen het toe lieten om de deuren opnieuw open te gooien.  

Tijs: De eerste maanden was het redden wat er te redden viel, we waren in crisis en moesten oplossingen verzinnen voor ons personeel, onze kostelijke verzekeringspolissen, auto’s verkopen, enzovoort. Na ongeveer een half jaar heb ik wel een zekere rust gevonden, maar ik heb me nooit verveeld. Achteraf blijkt dat we toch vooral veel energie hebben gestoken in evenementen die niet zijn doorgegaan. Zo hebben we bijvoorbeeld met Voo?uit en een aantal Gentse collectieven lang gewerkt aan een tijdelijke zaal waar in bubbels zou gewerkt worden. Er heerste veel creativiteit en we stonden echt op het punt enkele honderdduizenden euro’s te investeren, maar het project is gesneuveld toen het land weer eens op slot ging.  

Lorenzo: Listen! Festival stond geprogrammeerd voor eind maart, slechts enkele weken na de lockdown, dus we moesten heel snel schakelen. Aanvankelijk werden we vooral overrompeld door alle financiële en praktische administratie die er bij kwam kijken. Niet veel later heb ik de handschoen opgenomen met de Brussels By Night Federation. M’n werk daarvoor zie ik echt als mijn bijdrage aan de maatschappij in ruil voor het dubbel overbruggingsrecht dat ik van de overheid kreeg tijdens de pandemie. Ik heb geen grote investeringen af te betalen of zware doorlopende kosten zoals de huur van een pand, dus ik kon mijn tijd nuttig gebruiken. Ik heb sindsdien nog maar amper vakantie genomen, er is zoveel werk te doen.

Nick: Het was een grote stresstest, waarbij onze weerbaarheid voortdurend werd uitgedaagd. Die hele periode was een emotionele rollercoaster met ups en vooral veel downs, van goed nieuws naar slecht en weer terug. Terwijl andere sectoren open gingen dacht ik vaak dat het dan ook wel eens aan ons moest zijn, maar dat was steeds ijdele hoop. 

Tijs: Ik keek na verloop van tijd niet meer naar de cijfers, ik werd er helemaal gek van. Een evenement organiseren of een club heropenen doe je niet op één twee drie, daarvoor heb je tijd nodig. Dus dat probeerde je telkens voor zijn, maar dat was tegelijk erg frustrerend. Al na enkele maanden zaten we door onze reserves, moest ik collega’s vertellen dat ze ander werk moesten zoeken en moesten we elke euro drie keer omdraaien.

Achteraf blijkt dat we toch vooral veel energie hebben gestoken in evenementen die niet zijn doorgegaan.

Tijs Vandenbroucke

De pandemie was een wereldwijd fenomeen waar tenminste in de Westerse wereld niet aan te ontsnappen viel. Wat was jullie houding ten opzichte van de pandemie en hoe die in België werd aangepakt? 

Nick: Bij mij overheerste een gevoel van onrecht. Zoveel andere sectoren hebben gunsten gekregen, denk maar aan de luchtvaartsector die honderden miljoenen euro’s kreeg toegeschoven terwijl ze al geen BTW betaalt, terwijl wij geen enkele belofte of perspectief kregen. Daar heb ik me heel boos over gemaakt. 

Lorenzo: Ik ging van angst naar kalmte naar woede. Het is in een democratie totaal onaanvaardbaar dat bepaalde sectoren als essentieel worden beschouwd en andere als niet-essentieel. We werden niet alleen beledigd, maar evenmin correct vergoed voor onze geleden verliezen. Dat strookt niet met artikel 23 van de Belgische grondwet, dat de menselijke waardigheid en het recht op de keuze van werk beschermt.

Hoe vaak heb ik niet moeten horen dat ik ander werk moest zoeken. Dat weiger ik, we leven niet in een dictatuur. We moesten solidair zijn met 11 miljoen mensen, om de eerste minister te parafraseren, maar die 11 miljoen mensen waren al niet solidair met ons. België bestond niet, de hulp was niet overal dezelfde maar afhankelijk van de regio waar je actief bent. Als je dan merkt dat de grote commerciële spelers wel vooruit worden geholpen onder druk van grote internationale belangen die duidelijk prevaleerden op lokale belangen, dan maakte me dat heel kwaad.

Hoe kijken jullie terug op de steunmaatregelen?

Nick: De steunmaatregelen waren een begin, maar lang niet voldoende om alle kosten te dekken. 

Tijs: Een aantal maatregelen hebben zeker voor ademruimte gezorgd, zoals het niet meteen moeten terugbetalen van verkochte tickets. Zo hadden we tenminste wat geld in kas om het hoofd boven water te houden. Als festivalorganisator waren we ook gebaat met het voorschot voor evenementen. Maar als clubeigenaar werden we zwaar gediscrimineerd. We zijn op 1 oktober opnieuw open mogen gaan, maar hebben helemaal achter het BTW-voordeel gevist, terwijl de horeca maandenlang slechts 6 ipv 21% moest aanrekenen. 

Lorenzo: De clubs zijn zo dubbel gestraft, ze waren het langst dicht en kregen geen gunstmaatregelen bij de heropening. 

Zijn jullie vandaag nog steeds geblesseerd?

Tijs, Lorenzo en Nick: Ja. (in koor)

Lorenzo: Zowel mentaal als financieel zit iedereen nog steeds aan de grond. 

Nick: Het nachtleven is nu enkele weken opnieuw volwaardig open, iedereen heeft even aan de baxter van de steunmaatregelen gelegen, maar de putten die zijn gegraven moeten nog helemaal worden gevuld. Ik vrees dat heel veel ondernemers vol goede moed nu opnieuw open gaan maar pas binnen een half jaar zullen beseffen dat de putten nog lang niet gevuld zijn geraakt. 

Tijs: We werden niet au sérieux genomen, niet gezien als een volwaardige economische entiteit. De steunmaatregelen hielpen om geen extra kosten te moeten maken, maar waren lang niet genoeg. En er zijn een aantal onaangename neveneffecten. Zo valt het op dat mensen hun gespaarde centen vandaag opnieuw willen uitgeven, maar dat ondernemers daar nog niet helemaal klaar voor zijn door het gebrek aan personeel. Dat merk je in alle sectoren.

Lorenzo: In Brussel vinden we nog wel voldoende studenten, maar heel wat gekwalificeerd volk zijn we simpelweg kwijt. Die hebben geproefd van een andere job met betere uren, hebben kinderen gekregen, zijn tuinman geworden, enzovoort. 

Nick: Heel wat barpersoneel voor Rave Rebels wou nu plots op hotel tijdens onze tweedaagse, er is duidelijk ook een ander verwachting wat betreft comfort na anderhalf jaar kwalitatieve nachtrust.

Ik vrees dat heel veel ondernemers vol goede moed nu opnieuw open gaan maar pas binnen een half jaar zullen beseffen dat de putten nog lang niet gevuld zijn geraakt. 

Nick Ramoudt

Hebben jullie ondanks alle miserie ook iets gewonnen dankzij Covid?

Tijs: Er is zonder twijfel meer solidariteit gekomen binnen de sector. We leerden elkaar beter kennen, het was een soort perverse teambuilding zeg maar, waarbij iedereen met dezelfde problemen kreeg af te rekenen. Zo groeide vanzelf het respect voor mekaar. 

Lorenzo: Ik ben beginnen praten met heel wat mensen die ik voordien niet kende en merkte ook dat anderen dat deden. Zo ontmoetten techno- en hiphoporganisatoren elkaar voor het eerst of ging de bezielers van queer- en heteroconcepten met elkaar in gesprek. Zelf heb ik zeker 50 nieuwe persoonlijke contacten toegevoegd aan m’n adresboek. Dankzij de Brussels By Night Federation hebben we het Brusselse nachtleven nu kunnen laten erkennen door de kabinetten van Vervoort, Gatz en Trachte, die ons nu aanschouwen als een specifieke sector verschillend van de horeca en een essentieel onderdeel van het Brusselse ecosysteem. Dat is een positieve en belangrijke stap.

Tijs:  Ik geloof dat er ook nood is aan een nationaal initiatief. 

Nick: Nightlife heeft momenteel verschillende cellen, zoals hier in Brussels dankzij Lorenzo maar ook in Antwerpen is het één en ander op til en in Gent bestaat de Nightlife Council. Maar idealiter is er inderdaad een federale cel met daaronder de regionale afdelingen. Je kan op lokaal niveau zeker nuttige dingen doen, maar als Frank Vandenbroucke op federaal niveau een ventilatienorm wil opleggen aan alle clubs, heb je ook echt iemand nodig die gewicht in de schaal kan leggen. We moeten momenteel vooral rekenen op de Vlaamse horecafederatie maar met 400 clubs naast 54.000 horecazaken worden we daar ook niet echt vertegenwoordigd.

Er is zonder twijfel meer solidariteit gekomen binnen de sector.

Tijs Vandenbroucke

Waar liep het dan concreet mis in het beleid, ten nadele van de nachtclubs?

Lorenzo: Discussies duurden eeuwen en alles werd voortdurend last-minute geregeld. Terwijl wij al maanden werkten aan protocollen voor de heropening, kwamen die er voor de horeca slechts 24 uur op voorhand en voor de clubs zelfs nooit. Die laatsten werd gezegd om zich op de horeca te baseren met het Covid Safe Ticket erboven op. Hoe is dat mogelijk, een club is toch geen café?

Ik kreeg honderden vragen in de aanloop naar de heropening, vragen die eenvoudig hadden kunnen vermeden worden door een protocol. Zo zijn tijdens het eerste weekend clubs open gegaan die zelf een testcentrum organiseerden, maar dan wel binnen de muren van de club en zonder ventilatie. Er ontbrak duidelijk een federaal beleid, een gemeenschappelijke visie, een politiek akkoord.

Nick: De toonaangevende Britse krant The Economist schreef: “Belgium is a country that is kicking the can down the road”. We schieten telkens een stukje op zonder enige langetermijnvisie. Velen zijn bevoegd maar niemand neemt echt z’n verantwoordelijkheid op.

Tijs: Ik stond nog nooit zo dicht bij het politieke apparaat en de uitvoerende macht als tijdens het afgelopen anderhalf jaar. De ambtenarij, het Corona commissariaat, de verschillende steunpunten en dossierbeheerders, het waren allemaal erg capabele mensen. Het is vooral het politieke bestel waar het schoentje knelt. 

In Brussel kon de Brussels By Night Federation op 25 augustus wel aankondigen dat ook de Brusselse clubs in navolging van de rest van het land op 1 oktober konden openen, terwijl dat voordien nog uitgesloten leek. Wat is er toen gebeurd Lorenzo?

Lorenzo: Het kabinet van de Brusselse Minister-President Rudi Vervoort had ons en de Brusselse horecafederatie uitgenodigd om de Brusselse situatie te bespreken en dan meer specifiek het gebruik van het Covid Safe Ticket. Het klopt dat op dat moment de Brusselse clubs nog geen perspectief hadden gekregen. Na een lang gesprek kregen we de vraag of de clubs met dat Covid Safe Ticket zouden willen heropenen, wat we in feite al hadden voorgesteld in de protocollen die we 8 juni zelf hebben aan hen hebben voorgesteld.

Zonder dat ticket zouden we na een maand al opnieuw hebben moeten sluiten, dus er was geen andere oplossing mogelijk voor ons. Ik heb toen gevraagd of ik dat na de vergadering mocht communiceren en daar zagen ze geen graten in, tot grote opluchting van de Brusselse clubs. Dit was alvast een goed voorbeeld van het positieve effect van onze federatie, we hebben nu een beter contact met de politiek.

© lucinde Wahlen

© lucinde Wahlen

We schieten telkens een stukje op zonder enige langetermijnvisie. Velen zijn bevoegd maar niemand neemt echt z’n verantwoordelijkheid op.

Nick Ramoudt

Wat zouden jullie graag anders zien in jullie relatie met de overheid en politiek?

Nick: We hebben nood aan een volwaardige representatie, er is momenteel geen minister voor evenementen, die zich echt volwaardig ons lot aantrekt. Toen we in augustus met Kompass een aanvraag deden bij het kabinet van Vlaams minister van cultuur Jan Jambon om een testevenement te organiseren, kregen we binnen de dertig minuten een gortdroog antwoord in onze mailbox waarin stond: “nightlife is geen cultuur”. Maar wat zijn we dan wel? Ook bij het ministerie van economische zaken begrijpen ze ons niet goed. Wat doen jullie precies, maken jullie iets, vragen ze dan. Niemand begrijpt ons echt, nergens kunnen we aankloppen met onze problemen.

Tijs: Dat is werkelijk choquerend, wij zijn wel degelijk cultuur. Het lijkt vaak dat wanneer je niet gesubsidieerd bent, je er niet bij hoort. Pas als je subsidies krijgt, verdien je zogezegd de stempel cultuur, wat onzin is.

Nick: Inderdaad, wij brengen duizenden mensen samen rond een gemeenschappelijk thema, onder de motivator van versterkte muziek, visuele animatie, enzovoort. Wel, dat thema is evengoed cultuur als klassieke muziek of het carnaval van Binche, waar ze trouwens ook graag een pint drinken. 

Tijs: Ik geloof dat de overheid ook heeft vastgesteld dat je met de lijst van activiteitencodes, de zogenaamde NACEBEL, niet alles in hokjes kan plaatsen. Ook de evenementiële sector zelf beseft dat het een complexe boel is. Zo wordt er al gewerkt aan een afzonderlijk paritair comité voor evenementen, aanvullend op nummer 304 voor de culturele sector en 302 voor de horeca. 

Lorenzo: Wij zijn bij de opstart van de Brussels By Night Federation op zoek gegaan naar een definitie van de nacht en hebben daar een document rond opgesteld. Hoe ga je bijvoorbeeld om met evenementen die overdag elektronische muziek programmeren, is dat ook nachtleven? En café’s die geen inkom vragen maar wel tot het ochtendgloren dj’s programmeren? Of wat is het verschil tussen Fuse en de Ancienne Belgique buiten het uurrooster dan, die allebei dj’s en elektronische muziek programmeren. 

Tijs: Als sector is het onze taak om onszelf beter te definiëren. Met Nasty Mondays werken wij bijvoorbeeld samen met het sterk gesubsidieerde cultuurhuis Voo?uit. Ik ben helemaal niet tegen subsidiëring, maar het is niet meer gebalanceerd. Waarom wordt de ene in het vakje commercieel geduwd en de andere in het vakje cultureel, terwijl iedereen tickets verkoopt. En de gesubsidieerde huizen programmeren inderdaad ook meer en meer dezelfde artiesten en dj’s als de clubs. 

Lorenzo: Op dat punt geloof ik dat cultuurhuizen ons in feite helpen. Ze verstoren inderdaad een markt door dankzij subsidies hogere artistieke gages te betalen, maar hoe meer Bozar Nights en Museum Night Fevers er georganiseerd worden, hoe meer die grote cultuurhuizen zelf bevestigen dat ook de nachtcultuur echte cultuur is. 

Hoe meer Bozar Nights en Museum Night Fevers er georganiseerd worden, hoe meer die grote cultuurhuizen zelf bevestigen dat ook de nachtcultuur echte cultuur is. 

Lorenzo Serra

Nu het nachtleven sinds enkele weken weer open is, wat is er jullie ondertussen opgevallen? Is er sprake van de roaring twenties?

Tijs: De vergelijking met de jaren twintig van de vorige eeuw had ik op voorhand ook gemaakt, maar ik vind het toch niet helemaal opgaan. De sfeer is niet heel excessief, maar er was dan ook geen echte drooglegging, we hebben nog kunnen eten en drinken. Maar er is wel een algemeen en duidelijk voelbare positieve sfeer. Door het zolang gemist te hebben, is dit een opportuniteit om te tonen dat uitgaan en feesten wel echt een essentieel onderdeel van onze maatschappij zijn. Het is broodnodig dat we ons af en toe mentaal kunnen ontspannen, de boog kan niet altijd gespannen staan.

Lorenzo: Wij organiseerden deze zomer met Listen! Festival al een reeks openluchtfeesten met het Covid Safe Ticket en daar was de sfeer ook opvallend gemoedelijk. Er waren geen vechtpartijen en ongemakken, maar vooral veel respect voor elkaar en blije gezichten. Hopelijk valt die positieve energie de overheden ook op.

Nick: Ook tijdens Rave Rebels hebben we amper incidenten gekend, het was een opvallend rustige editie met 30.000 gelukkige mensen.

Tijs: Jammer genoeg valt me ook een hoge no-show rate op, dubbel zo hoog als voor Covid. Mensen zijn nog steeds bang. De tickets zijn dan wel verkocht, je zaal haalt de geplande capaciteit niet en de drankverkoop valt lager uit, wat toch wel een financiële tegenvaller is.

Nick: En dan heb je nog alle tickets van evenementen die al in verkoop waren maar door Covid werden afgelast. Het is nu dat al die klanten hun voucher ten gelde maken, wat voor vele ongemakkelijke momenten zal opleveren als de jaarrekening wordt gemaakt. 

Door het zolang gemist te hebben, is dit een opportuniteit om te tonen dat uitgaan en feesten wel echt een essentieel onderdeel van onze maatschappij zijn.

Tijs Vandenbroucke

Wat nu? Wat moet er gebeuren om in de toekomst als sector sterker te staan?

Tijs: We moeten ons groeperen, we moeten nu een versnelling hoger schakelen. De putten zijn gemaakt en die moeten gedempt worden. Er moet minstens ook voor onze sector een btw-verlaging komen of een ander voordeel, alle balansen zullen ten slotte nog altijd donkerrood kleuren. Alleen valt het me op dat het vrij stil blijft langs de kant van de overheid. Het lijkt alsof we tevreden moeten zijn met het infuus dat we kregen, terwijl het echte herstelproces nog moet beginnen. 

Nick: Er zal een onafhankelijk en zelfbedruipend nationaal orgaan moeten komen. In Gent is er bijvoorbeeld de Nightlife Council, maar voor de volgende vergadering moet al de helft van de leden afzeggen wegens teveel werk. Dit kan niet afhangen van de goodwill van vrijwilligers.

Lorenzo: Met de Brussels By Night Federation hebben we van bij de start aangedrongen op verloning voor medewerkers en dus financiële steun. Dat lukt voorlopig, maar nog niet structureel. Momenteel werken we hard om het Brussels nachtleven door de eerste maanden na de sluiting te helpen en hen van alle mogelijk advies te voorzien.  

Tijs: Het nachtleven en de festivals zijn symbolisch erg belangrijk voor ons land. Dat moet politiek een gewicht opleveren. Maar omdat we momenteel mosselen noch vis zijn voor de overheid, moeten we zelf de oefening maken en ons op basis daarvan laten ondersteunen door de overheid in de meest brede zin. Dat is breder dan enkel de clubs, want zoveel zijn dat er ook niet meer. 

Lorenzo: Work hard, party hard. Dat mantra heb ik wel 500 keer herhaald tijdens de pandemie om mensen duidelijk te maken dat als je de party wegneemt, je het hard werken ook in gevaar brengt. De nacht is super belangrijk en stimuleert een heel creatief en economisch weefsel. Een stad die dat goed begrepen heeft, zoals Berlijn, is een bloeiende stad. Een stad zonder nachtleven is dood. Ik kijk bezorgd naar de ontwikkeling van de nieuwe woonzone aan Tour en Taxis in Brussel. Daar worden voor 25.000 mensen woningen gebouwd, maar er is nergens aan een club of uitgaanslocatie gedacht. Waar moeten die mensen dan uitgaan? Op straat, inclusief alle overlast voor de buurt? Daar moet toch een visie op de lange termijn over bestaan.

Bedankt Lorenzo, Tijs en Nick!

Promo adverteren

Reclame